Als ouders blijven strijden, lijden kinderen vaak in stilte
'Ik wil dat papa en mama gewoon weer hallo tegen elkaar zouden zeggen.'
Lise is acht jaar en haar ouders zijn al een tijdje uit elkaar. Op papier heeft ze twee huizen, twee slaapkamers en twee plekken waar ze welkom is. Toch voelt het voor haar soms alsof ze tussen die twee huizen in staat.
Wanneer haar vader haar terugbrengt, blijft hij in de auto zitten. Haar moeder staat bij de deur te wachten. Ze kijken elkaar nauwelijks aan en er wordt geen hallo gezegd.
Voor Lise is dat misschien wel het moeilijkste moment van de wisseldag.
Niet omdat ze wil dat haar ouders weer bij elkaar komen. Ze weet inmiddels dat dat niet gaat gebeuren. Wat ze vooral zou willen, is dat papa en mama gewoon weer vriendelijk tegen elkaar kunnen doen.
Dat ze elkaar aankijken.
Dat ze hallo zeggen.
Dat zij niet iedere keer hoeft te voelen dat er iets tussen hen in hangt.
Een kind voelt vaak meer dan je denkt, in de onderstroom. Een scheiding verandert veel in het leven van een kind: het huis, de slaapkamer, de dagen waarop het kind bij papa of mama is, de regels in huis, de manier waarop verjaardagen en feestdagen worden gevierd. Maar voor een kind is vaak de spanning tussen ouders het zwaarste.
De stiltes tijdens de overdracht.
Een zucht wanneer de andere ouder wordt genoemd, een blik ...
Een bericht dat via het kind wordt doorgegeven.
Een opmerking die misschien helemaal niet voor kinderoren bedoeld is, maar die toch wordt gehoord.
Kinderen merken dit vaak op, ook wanneer volwassenen denken dat ze er niets van meekrijgen.
Tussen twee huizen, tussen twee werelden
Dat beeld komt ook naar voren in een recent onderzoek van Villa Pinedo. In hun onderzoeksrapport wordt beschreven hoe kinderen van gescheiden ouders de gevolgen van conflicten tussen hun ouders ervaren en hoe belangrijk het voor hen is dat zij niet tussen hun ouders in komen te staan.
Lise begon zich steeds meer af te vragen of ze wel iets mocht zeggen over de andere ouder. Kon ze vertellen dat ze een leuke middag met papa had gehad als ze bij mama was? En kon ze bij papa vertellen dat mama iets liefs voor haar had gedaan, zonder dat iemand daar verdrietig of boos van zou worden?
Dat zijn grote vragen voor een meisje van acht.
Want een kind houdt niet voor de helft van de tijd van mama en voor de helft van de tijd van papa.
Een kind kan na een scheiding letterlijk tussen twee huizen heen en weer bewegen. De ene dag staat de schooltas bij mama, de volgende dag ligt die misschien bij papa. Er kunnen verschillende regels zijn, andere gewoontes en een andere manier waarop de dagen verlopen.
Dat hoeft op zichzelf geen probleem te zijn. Kinderen kunnen zich vaak goed aanpassen aan verschillende situaties.
Maar wanneer er daarnaast veel spanning tussen ouders is, kan het voor een kind ingewikkelder worden om zich vrij te voelen in beide werelden.
Een kind kan dan het gevoel krijgen dat het voorzichtig moet zijn met wat het vertelt. Dat het rekening moet houden met de gevoelens van papa of mama. Of dat het beter maar niets kan zeggen over de leuke dingen die het bij de andere ouder heeft meegemaakt.
In mijn eerdere blog ‘Tussen twee huizen, tussen twee werelden: een kindercoach helpt jullie kind de weg vinden’ schreef ik al over wat het voor een kind kan betekenen om steeds tussen twee huizen en twee werelden te bewegen. Want hoewel een kind zich vaak prima kan aanpassen aan twee huizen, betekent dat niet dat het ook altijd gemakkelijk is om alles wat daarbij komt kijken een plek te geven.
Als gevoelens geen woorden krijgen
Tijdens haar coachingtraject in mijn praktijk begon Lise steeds beter te begrijpen dat ze van haar beide ouders mocht houden, zonder te hoeven kiezen. Ze hoefde ook niet te zorgen dat het tussen hen beter zou gaan. Haar plek mocht ergens anders zijn: bij zichzelf, bij haar eigen gevoelens en bij de ruimte om gewoon kind te zijn.
Wanneer kinderen veel spanning ervaren, vertellen ze niet altijd letterlijk wat er aan de hand is. Soms worden ze stiller, sneller boos of trekken ze zich terug. Soms krijgen ze buikpijn, slapen ze slechter of willen ze niet meer naar de andere ouder.
Het gedrag vertelt dan iets wat het kind zelf misschien nog niet onder woorden kan brengen.
Bij Lise zag je dat ook. Ze probeerde vooral lief te zijn en niemand tot last te zijn. Ze wilde niet nog meer gedoe veroorzaken en hield daarom regelmatig dingen voor zichzelf.
Maar ondertussen zat haar hoofd vol.
Wat moet ik zeggen?
Wat mag ik zeggen?
Wie moet ik blij maken?
En mag ik gewoon vertellen dat ik papa mis als ik bij mama ben?
Een kind zou zich daar eigenlijk niet mee bezig hoeven houden. Een kind mag gewoon kind zijn.
In de gesprekken met Lise hebben we daarom niet geprobeerd om de situatie tussen haar ouders op te lossen. Dat was niet haar taak. En is dat ook niet de taak van een kind. We keken vooral naar wat de situatie met háár deed en wat zij nodig had om zich weer wat steviger en vrijer te voelen.
Lise hoefde niet langer tussen haar ouders in te staan. Ze mocht ernaast staan, als kind, met haar eigen gevoelens en haar eigen verhaal.
Wat Lise zelf heeft geleerd
Tijdens de coaching ontdekte Lise steeds meer dat haar gevoelens er mochten zijn. Dat ze verdrietig mocht zijn wanneer ze haar vader miste, maar ook boos mocht worden als iets voor haar moeilijk of oneerlijk voelde. En dat ze daarnaast gewoon blij mocht zijn met de fijne momenten die ze bij haar vader of moeder beleefde.
We spraken over de gevoelens die ze soms liever wegstopte, omdat ze bang was dat ze iemand daarmee verdrietig of boos zou maken. Door samen te kijken naar wat er in haar gebeurde, kreeg ze steeds beter zicht op wat ze voelde en waarom.
Lise leerde dat ze niet verantwoordelijk was voor de gevoelens van haar ouders. Dat ze niet hoefde te kiezen en ook niet hoefde te zorgen dat het tussen hen beter ging. Ze mocht vertellen wat haar bezighield, vragen stellen en aangeven wanneer iets voor haar lastig was.
Langzaam kreeg ze meer vertrouwen in haar eigen gevoelens en ontdekte ze dat ze niet alles hoefde op te lossen.
Ze mocht gewoon Lise zijn. Een meisje van acht dat van haar papa en mama mag houden, haar eigen gevoelens mag hebben en niet tussen haar ouders in hoeft te staan.
We hebben samen gekeken naar de momenten waarop ze spanning voelde in haar buik en naar de gedachten die dan door haar hoofd gingen. Door daar woorden aan te geven, werd het voor Lise steeds duidelijker wat van haar was en wat eigenlijk bij de volwassenen hoorde.
Ze ontdekte bijvoorbeeld dat het niet haar verantwoordelijkheid was om ervoor te zorgen dat haar ouders weer met elkaar konden praten. Ook hoefde zij geen boodschappen over te brengen, geen partij te kiezen en niet te proberen de sfeer tussen haar ouders beter te maken.
Dat klinkt misschien vanzelfsprekend voor een volwassene, maar voor een kind kan dat een belangrijke ontdekking zijn.
Ze leerde bijvoorbeeld om te zeggen: 'Ik vind het spannend als jullie zo stil tegen elkaar doen.'
Of:
'Ik wil graag vertellen hoe fijn het bij papa was.'
Dat lijkt misschien klein, maar voor Lise maakte het een groot verschil.
Ze hoefde haar ouders niet meer te veranderen om zich toch gehoord te kunnen voelen. En misschien wel het belangrijkste: Lise ontdekte dat ze niet hoeft te kiezen. Ze mag gewoon Lise zijn. Een meisje van acht dat van haar papa houdt, van haar mama houdt, soms verdrietig is, soms boos wordt en soms helemaal nergens over wil praten.
Kinderen hebben geen perfecte ouders nodig.
Wanneer ouders uit elkaar gaan, willen zij meestal allebei het beste voor hun kind. Toch kunnen emoties, verdriet en oude pijn ervoor zorgen dat communiceren met elkaar moeilijk blijft.Dat maakt niemand automatisch een slechte ouder, maar voor een kind kan voortdurende spanning wel zwaar zijn.
Daarom kunnen juist de kleine dingen veel betekenen:
Een gewone begroeting bij een overdracht.
Een neutrale toon.
Geen vragen stellen over de andere ouder via het kind.
Geen boodschappen laten overbrengen.
En vooral: het kind laten voelen dat het vrij is om over beide ouders te praten en van beide ouders te houden.
Een kind hoeft niet te weten wie er gelijk heeft.
Een kind hoeft niet te begrijpen waarom volwassenen bepaalde keuzes maken.
Een kind hoeft geen rechter, boodschapper of bemiddelaar te worden.
Het heeft vooral behoefte aan de ruimte om kind te zijn.
Wat kun jij als ouder doen?
Soms begint verandering niet met een groot gesprek, maar met iets heel kleins. Probeer bij een overdracht de aandacht zoveel mogelijk bij jullie kind te houden en niet bij de spanning tussen jou en de andere ouder. Houd gesprekken over moeilijke onderwerpen buiten het gehoor van jullie kind en laat jullie kind merken dat het vrij is om over de andere ouder te praten.
En misschien nog belangrijker: luister wanneer jullie kind iets vertelt, zonder meteen uit te leggen waarom iets zo is gegaan.
Een kind heeft niet altijd een oplossing nodig.
Soms heeft het vooral iemand nodig die zegt: 'Ik snap dat dit moeilijk voor je is.'
Lise hoeft het niet meer alleen te dragen. Tijdens de coaching kreeg Lise steeds meer vertrouwen in haar eigen gevoelens en haar eigen stem. Ze ontdekte dat ze niet verantwoordelijk is voor wat er tussen haar ouders gebeurt en dat ze haar liefde voor beide ouders niet hoeft te verbergen of te verdedigen.
De situatie thuis veranderde daardoor niet ineens.
Haar ouders gingen niet opeens samen koffie drinken en de spanning verdween niet van de ene op de andere dag.
Maar er veranderde wel iets bij Lise. Ze begreep zichzelf beter en wist beter wat van haar was en wat niet. En ze wist dat ze haar gevoelens niet meer hoefde weg te stoppen om het voor anderen makkelijker te maken.
Dat is waar coaching soms over gaat. Niet over het oplossen van wat volwassenen niet kunnen oplossen, maar over een kind helpen om zichzelf weer terug te vinden binnen een situatie die het niet zelf heeft gekozen. Want een scheiding is voor een kind niet alleen het hebben van twee huizen. Het is ook leren omgaan met veranderingen, gevoelens, loyaliteit en soms met spanning waar het zelf geen invloed op heeft.
Laten we er daarom voor zorgen dat een kind niet hoeft te kiezen, niet hoeft te bemiddelen en niet op zijn tenen hoeft te lopen.
Maar dat het gewoon mag voelen wat het voelt. Mag zeggen wat het nodig heeft.
En boven alles mag weten: Ik hoef dit niet alleen te dragen.
Wil je weten wat kinder- en jongerencoaching voor jullie kind kan betekenen wanneer een scheiding, spanningen tussen ouders of het leven tussen twee huizen veel van jullie kind vraagt? Neem gerust contact met me op.
Samen kunnen we kijken naar wat jullie kind nodig heeft om zich weer gehoord, gezien en gedragen te voelen.
En wil je hier meer over lezen vanuit het perspectief van kinderen zelf? In het onderzoeksrapport van Villa Pinedo lees je meer over de ervaringen en behoeften van kinderen van gescheiden ouders.














